Header GVVV.nl
 

Welkom op GVVV.nl, de website van de
Gelders Veenendaalse
Voetbal Vereniging.



 
 
 

 »  Home  »  G.V.V.V. Informatie  »  Algemene informatie  »  Sokker met afrigters en een baas-puntemaker
Door Webredactie - G.V.V.V. Informatie | Gepost  12/10/2009 | Algemene informatie |
Sokker met afrigters en een baas-puntemaker

Vorige week heeft de loting voor het WK in Zuid-Afrika plaats gevonden en dat zou wellicht aanleiding hebben kunnen geven voor de echte Oranje fans om een reisje te boeken, naar dit naar men zegt, prachtige land. En als een Nederlander zich over de grens begeeft wil zij of hij over het algemeen ook wel iets weten van de taal die in dat land gesproken wordt. Nu, voor deze groep hebben wij een goede tip gevonden. Maar bovendien is het ook voor degene die niet gaan, maar toch wel in voetbal en (voetbal)taal zijn geïnteresseerd ook een absolute aanrader.

Bron: Het Parool (door Hans Hoekstra) 9 december 2009

 

Een wavielskop van Arnold Bruggink in het shirt van Heerenveen. 

Dit weekeinde werd bekend dat de aftrap van Oranje tijdens het WK voetbal op 14 juni plaatsvindt in Johannesburg. In het Afrikaans spreekt men trouwens van een afskop. En wie regelmatig het doel treft, heet een doelskieter. Een topscorer wordt baas-puntemaker genoemd.
Handig naslagwerk voor dit WK is Moenie mounie, niet mekkeren. Piet van Sterkenburg schreef in dit boek over de geschiedenis van het Zuid-Afrikaans en behandelt de woordenschat in thema’’s, waaronder sport. De taal van de swartman uitgelegd voor de witman (beide termen zijn politiek niet correct).
Bert van Marwijk zal in Zuid-Afrika te boek staan als afrigter (oefenmeester), geassisteerd door een hulpafrigter Frank de Boer. En toeschouwers blazen op de vuvuzela (hoorn die veel geluid maakt, vroeger gebruikt om belangrijke vergaderingen bijeen te roepen).
De naam voor het nationale team van Zuid-Afrika luidt Bafana Bafana, dat ‘de zonen’ betekent.
In Zuid-Afrika worden elf talen erkend. Het Afrikaans is naar het aantal sprekers gemeten de derde taal, na Zoeloe en Xhosa, en wordt ook wel Afro-Nederlands, Kaaps-Hollands of Zuid-Afrikaans genoemd. Het Afrikaans is voortgekomen uit de taal die Nederlandse kolonisten invoerden, vanaf het moment dat Jan van Riebeeck in 1652 in de Tafelbaai, bij het huidige Kaapstad, voet aan land zette.
Van Sterkenburg geeft voorbeelden van woorden waarbij wij Hollanders andere associaties krijgen, zoals aftrekplek (parkeerplaats), bekaf (verlegen), gemeenschap hebben (een gemeenschappelijke godsdienst hebben), jammerlappie (vaatdoekje dat aan tafel wordt gebruikt om de handen mee af te vegen; ‘zo genoemd omdat men het jammer vindt om schone servetten te gebruiken’), klaarkomen (goed met iemand op kunnen schieten), kos-my-niks (schoonheidsmiddelen, afgeleid van cosmetics), muggiepis (fijne motregen), straatgans (voetganger die de regels overtreedt), vrijkamer (logeerkamer).
En om nog even bij het WK te blijven: een balbyter is géén voetballer die zeer vasthoudend is als hij aan de bal komt, maar een grote mier met een grote kop. Eveneens een naam voor iemand die zijn broek te strak optrekt bij zijn middel.
Nog wat voetbaltermen: boogaangee (lobben), driekuns (hattrick), flousskop (schijnbeweging), kronkellopie en kurktrekkerlopie (twee verschillende dribbels), middelkolletjie (middenstip; kol betekent bles - een witte plek op voorhoofd van een donkerharig paard of een koe), raakskoot (voltreffer), sokker (voetbal, uit het Engelse soccer), tuisspan (thuisspelend team), wawielskop (achterwaartse omhaal).

Piet van Sterkenburg: Moenie mounie - niet mekkeren: Zuid-Afrikaans met een glimlach, uitgeverij Scriptum, € 17,50.



 

 

DHTML Menu / JavaScript Menu Powered By OpenCube