A day in the life of ....
A day in the life of ....
.... a G.V.V.V.-supporter.
Zaterdagochtend vroeg word ik gewekt door het vrolijke zingen van mijn 3-jarige dochtertje. Ze heeft de gewoonte om het niet op een brullen te zetten als haar slaap uit is, maar ze zet gewoon in en ze wacht geduldig tot Papa of Mama haar roept. Ze mag dan nog even in 'het grote bed' TV kijken voordat we gaan ontbijten. Na het ontbijt gaat Papa douchen en aankleden. Papa is een beetje zenuwachtig want zijn club, G.V.V.V., moet vandaag de onvervalste derby tegen buurman DOVO spelen. Hij is er niet echt gerust op. Natuurlijk beschikt zijn cluppie over een beter team, maar de laatste twee wedstrijden werden niet gewonnen, dus veel reden tot arrogantie is er niet. Daarbij komt dat een G.V.V.V.-supporter altijd bescheiden is en nooit roept dat 'we wel even zullen winnen'. Ook het feit dat DOVO al weken achter elkaar verloren heeft stemt mij bedroefd. Niet dat ik wil dat ze winnen, integendeel, maar ik ben van oorsprong toch een boekhouder en weet dat DOVO elke week dichter bij een overwinning komt.
Na het wasritueel wordt dochterlief aangekleed en gaan we met zijn tweetjes richting supermarkt. In de supermarkt komen we de voorzitter en een oud-speler van G.V.V.V. 1 tegen. Er wordt een praatje gemaakt over de mogelijke opstelling en de verwachtingen. Ook hier bemerk ik een gematigd optimisme. Na het boodschappen doen gaan Papa en dochter nog even naar de markt. Om een uur of twaalf schuift het gezin aan voor de lunch. Mama probeert nog even sfeerverhogend bezig te zijn en vraagt aan dochterlief wie ze hoopt dat er wint, Rood of Blauw. 'Rood' roept mijn dochtertje. Als ik haar vertel dat Opa, Papa, ome Gert en ome Chris voor Blauw zijn dan kiest ze toch voor Blauw. Moeder probeert nog even tussenbeide te komen door iemand te noemen die voor Rood is, maar ze weet niemand. Uiteindelijk wordt de overbuurjongen genoemd, maar het feit dat Ome Chris voor Blauw is, is voldoende.
Na het eten breng ik mijn dochter naar bed en kruip nog even achter de computer. Ik open mijn Unibet-account en wil wat geld op de wedstrijd DOVO - G.V.V.V. zetten, maar ik durf niet. De afgelopen twee keer had ik G.V.V.V. ook op winst gezet en dat heeft onder de streep niets opgeleverd. Voordat ik wegga vraagt mijn vrouw hoe laat ik thuiskom voor het eten. Of kwart over vier of zes uur antwoord ik naar eer en geweten. Daarna pak ik de fiets en stiefel richting het Panhuis. Bij de fietsenstalling kom ik de eerste supporter al tegen en samen lopen we richting de kantine. We zijn nog niet halverwege als we ineens een knal horen. Een oudere man is van zijn fiets gevallen. We helpen de man snel overeind en vragen of het al weer gaat. Hij stamelt wat en uit ervaring weten wij wel hoe laat het is. Dan komt er iemand aan, die vanaf zijn scooter het hele tafereel heeft bekeken. Hij verteld ons dat hij er wel verstand van heeft, want hij beschikt over een EHBO-diploma. Hij steekt zijn vinger op en vraagt de man om naar deze vinger te kijken. Een snelle beweging met de opgestoken vinger brengt hem tot de conclusie dat de man een evenwichtsstoornis heeft. "Ik zou hem maar niet laten fietsen" zegt hij tegen ons, alsof wij de man onder onze hoede hebben. Met dubbele tong zegt de man, dat hij helemaal niet meer gaat fietsen maar dat hij naar het voetbalveld gaat om naar DOVO - G.V.V.V. te kijken. Alsof we twee padvinders zijn die hun goede daad weer hebben verricht lopen we richting kantine. We nemen de scooterman nog even op de korrel en komen tot de conclusie dat je geen EHBO nodig hebt om te kunnen concluderen of iemand in de bonen is of niet.
Onder het genot van een kleine versnapering wachten we op de rest om daarna richting de overkant te gaan. Ondertussen is het een drukte van belang in de kantine. Een aantal supporters hebben het weer voor elkaar gekregen om een leuke sfeeractie te verzinnen. Er worden 500 blauwe en witte frisbees uitgedeeld. Tevens hebben zij dozen vol blauwe t-shirts laten drukken, met de tekst 'blauwe !!!' erop. Daarna lopen we richting de verkeerde kant van het sportpark, zoals dit in de volksmond genoemd wordt. We kiezen een mooi plekkie uit en wachten op wat gaat komen. In de rust gaan we snel even naar onze eigen kantine, want je moet zo kort mogelijk op het DOVO-veld zijn. G.V.V.V. wint uiteindelijk met 1-3 en opgetogen gaan we weer naar onze eigen kant. In de kantine is het feest. We kijken nog even wat de andere uitslagen zijn en onder het genot van verkoelende drankjes genieten we na. Het clublied, 'Blauw' van The Scene (ons officieuze clublied) en You'll never walk alone schallen door de boxen.
Dan is het zover en komen de spelers de kantine binnen. Onder luid gejuich worden zij ontvangen en de volumeknop van de stereo gaat nog wat omhoog. Iedereen springt op, want 'wie niet springt die is voor rood' wordt er gezongen. Het clublied komt nog eens voorbij en doelman Niels Willemse, niet vies van een feestje, heeft ondertussen de grote trommel opgehaald. Helaas kan Niels beter keepen dan trommelen en al gauw wordt de trommel overgenomen door verzorger Theo Lepelblad. De man heeft al een reputatie dat hij een wonderdokter is en dat zijn spons met vocht spelers beter maakt. Nu hoeft er in de kantine geen vocht aan te pas te komen, er is al genoeg, maar ook nu weet Theo er weer wat van te maken. Met een gevoel voor ritme waar je u tegen zegt, worden er een paar prachtige solo's gegeven. De spelers en supporters schreeuwen, zingen en klappen mee. Geweldig.
Zoals beloofd ben ik rond zessen thuis en mijn dochtertje komt me al tegemoet rennen. "Papa. mag ik mee patatjes halen?' vraagt ze. "Ja hoor, lieverd" zeg ik, "we gaan meteen". We pakken de auto en rijden richting de snackbar. In gedachten speelt zich het volgende tafereel af. We rijden weg bij ons huis richting snackbar de Molen op de Nieuweweg. Ik zie dat het er angstvallig rustig is en rijd door richting Pinokkio op de Zandstraat. Ook hier zie ik niet wat ik zoek. Daarna rijden we door naar snackbar het Hoekje op de Gortstraat. Hier zitten drie DOVO-supporters te wachten op hun bestelling. Ik had het kunnen weten dat ze hier waren want de Gortstraat is natuurlijk een DOVO-straat van huis uit. Hoewel er plek zat is ga ik bij de jongens zitten en vraag of ze naar het volleyballen gaan, gezien hun rood-witte sjaaltjes. "Nee, meneer, we zijn vanmiddag naar onze favoriete voetbalclub, DOVO, wezen kijken" begint de eerste. "Oh", antwoord ik quasi-nonchalant, "gewonnen?" "Nee, 1-3 verloren van G.V.V.V. onze aartsvijand". "Dat is zuur' antwoord ik gespeeld meelevend. "Maar staan jullie er nog wel goed voor in de competitie" vervolg ik het gesprek. "Nou nee, de ploegen die op degraderen staan hebben gewonnen en komen angstvallig dichterbij", zegt nummer drie. "Nou, gelukkig is het winterstop en kunnen jullie de tweede seizoenshelft alles weer goed maken", probeer ik de jongens op te peppen. "Dat is het nou juist," zegt nummer twee, "we doen het al jaren heel slecht de tweede seizoenshelft, dus dat belooft niet veel goeds". Ondertussen is mijn bestelling klaar en ga ik weer naar huis. Helaas ben ik deze jongens niet echt tegengekomen, maar ik heb wel kilometers gemaakt om ze te zoeken. Logisch dat ze thuis zijn gebleven, of in hun eigen kantine. Zou ik ook doen, als ik had verloren. In wezen is een DOVO-supporter niets anders dan een G.V.V.V.-supporter. Het enige verschil is de kleur van het shirt. Het is maar goed dat ze er zijn, want een derby met alleen supporters uit een kamp is geen derby.
Ondertussen komt er een sms'je binnen van een collega die voor DOVO is. 'Gefeliciteerd met de terechte overwinning' staat er te lezen. Wacht maar denk ik, maandag doe ik mijn blauwe shirtje met 'blauwe !!!' erop aan en doen we het nog even dunnetjes over. Na het eten hang ik de vrolijke Papa uit en dol lekker met mijn twee dochtertjes. Ze hebben Papa zelden zo vrolijk gezien. De oudste heeft het door en vraagt om limonade, koekjes, snoep en andere dingen. Normaal wordt er 'nee' geantwoord, zeker na het eten, maar nu vindt Papa alles goed. Als ze op bed liggen kijken ik nog een paar keer op teletekst en zet daarna de computer aan op zoek naar verslagen. Het is genieten. Zondagmiddag doen we de wedstrijd nog eens over. We hebben een verjaardag van een neefje. Op deze verjaardag komen acht G.V.V.V.-ers met gezamelijk ruim 200 jaar lidmaatschap bij de blauwen. Dat wordt dus lachen.