Bonke: hondstrouw, nuchter en degelijk

18 februari 2017
Wouter Bonke (32) speelde tegen UNA zijn tweehonderdste wedstrijd in dienst van de hoofdmacht van de vereniging. Hondstrouw, nuchter en degelijkheid zijn eigenschappen die de Utrechter passen. Maar het laatste jaar wankelt zijn zo betrouwbare positie. ‘Ik ben niet over mijn top.’
 
‘Als linksback’, lacht Wouter Bonke hardop als hem gevraagd wordt naar zijn debuutwedstrijd in het eerste elftal van de vereniging. De net van Gronitas overgekomen Bonke mocht zich bewijzen op een voor hem onbekende positie. Op 20 augustus 2011, tegen Barendrecht. ‘Taoufik was op dat moment geschorst, Bart Hulsbos en Michiel van der Valk vormden een hecht duo in het hart van de verdediging, dus daar kwam ik niet zo snel tussen.’
 
Wat heet. Door een zware knieblessure van Roy Terschegget kwam er pas een vaste plaats vrij voor Bonke, op het middenrif. Niet dat een basisplaats direct de insteek was bij zijn komst naar de club. Hij wilde zijn carrière nieuw leven inblazen, nadat hij tijdens en na zijn studieperiode in Groningen in de eerste klasse speelde met Gronitas. ‘G.V.V.V. was de eerste club met wie ik sprak, en eigenlijk was het direct raak. Ook toen was G.V.V.V. een begrip in het amateurvoetbal.’
 
Wouter Bonke duelleert in zijn debuutwedstrijd als linksback met Barendrechter Perry van Eijken.
 
Onomstreden en betrouwbaar
Via de positie van controleur op het middenveld (‘Ik voelde me direct lekker’) werkte Bonke zich op naar een begrip in het team van de Veenendaalse topklasser. Onomstreden, en vooral betrouwbaar. Niet met het imposante fysieke geweld, wel met de benodigde degelijkheid. ‘Ik ben inderdaad niet de typische verdediger: niet de grootste, minder snelle en sterkste. Maar in al die jaren heb ik met Bart een goed koppel gevormd. Bart is kopsterk, ik ben de speler van de onderschepping en het dichtlopen van de gaten. Die combinatie werkte uitstekend. Vooral in het seizoen dat we kampioen hadden moeten worden, toen waren we op onze top.’
 
Bonke ook. Hij kan nog genieten van dat seizoen. ‘De wedstrijd tegen Barendrecht voelde als een kampioenschap. Alsof het zo moest zijn, diep in blessuretijd. Die springt er wel tussenuit, net als de bekerwedstrijd bij AZ, met de vorige bekerwedstrijden in achterhoofd. Dat was echt helemaal te gek, zeker omdat we ook nog op voorsprong kwamen.’
 
'Ik was en ben niet over mijn top, want dat zou doen vermoeden dat ik geen motivatie meer heb om alles te geven.'
 
Mindere periode
Tijden veranderen. Nadat John de Wolf aan het roer kwam en Bonke minder zeker werd in het hart van de verdediging, was hij een tijd lang zijn basisplaats kwijt. Zijn contract werd in eerste instantie ook niet verlengd, De Wolf en de technische leiding kwamen daar later op terug. ‘Ik vind het moeilijk om daar een vinger op te leggen. Ik was en ben niet over mijn top, want dat zou doen vermoeden dat ik geen motivatie meer heb om alles te geven. Zo zit ik niet in elkaar. Ik had gewoon een mindere periode, met fouten en slippertjes. En als ik als verdediger een slippertje bega, ben ik de sjaak.’
 
‘Ik baalde er enorm van, maar ik kon wel begrijpen dat ik op de bank belandde. Het is namelijk geen liefdadigheid. Natuurlijk was er wel een soort frustratie, maar die probeerde ik vooral op de trainingen om te zetten, om te laten zien dat ik er wél in hoorde. Ik ben niet het type dat de handdoek in de ring gooit. En het geduld werd uiteindelijk beloond.’
 
Unicum
Met nu als resultaat tweehonderd wedstrijden. Een unicum, zegt hij, want ‘weinig spelers kunnen zeggen dat ze tweehonderd wedstrijden bij een club hebben gespeeld’. Zijn contract verlengde hij in december nog met een jaar, dus wat zit er nog verder in het vat? ‘Weet ik niet. Ik merk nu wel dat mijn spieren sneller overbelast raken en dat het herstel ook langer duurt. Meer dan vroeger in ieder geval. Zolang ik fit blijf en meekan op het niveau, gaan we lekker door.’
 
 
Tekst: GVVV.nl/Jeroen van Barneveld
Fotografie: Orange Pictures