Voorbeschouwing HSV Hoek – G.V.V.V.

21 januari 2015

Het wordt komende zaterdag, ijs en weder dienende, vroeg reveille voor de A-selectie, staf en begeleiding, want er staan een kleine 200 kilometers in de bus voor de boeg. Om op tijd in het Zeeuws Vlaanderens dorpje Hoek te arriveren, om de strijd aan te binden met de gelijknamige voetbalclub, wordt er om 10.15 uur vertrokken.
Het is de verste reis naar een opponent in deze huidige topklasse jaargang. Op plaats twee en drie komen ONS Sneek en HHC Hardenberg met respectievelijk 167 en 128 km. Daarna volgen er nog drie (SC Genemuiden, FC Lisse en Excelsior M.) waarvan de afstand net iets meer is als 100 kilometer. De overige tegenstanders vallen, qua afstand, allen onder die grens. Totaal reist G.V.V.V. dit seizoen 1458 km. om alle tegenstanders te bezoeken.
Trouwens de laatste keer dat Hoek werd aangedaan is aanstaande zaterdag op de kop af vijf jaar en één dag geleden en alleen aanvoerder Simon Brouwer en Joey Snijders van de huidige selectie waren daarbij. Op 23 januari 2010 trok de thuisclub door twee goals van Stijn Mahieu, waarvan één vanaf elfmeter, aan het langste einde.


Stijn Mahieu (10) laat doelman Niels Willemse kansloos vanaf de strafschopstip. Dennis van Meegdenburg (9), Rik van Leeuwen (2), Danny van Brenk (7) en Simon Brouwer (10) moeten toezien hoe de 1-0 voorsprong voor Hoek  tot stand komt. Foto: Dick Gijsbertsen.

That’s different cook

Deze ondertussen al bijna wereldberoemde quote van de oud-bondscoach Van Gaal is zeker van toepassing voor HSV Hoek, tenminste als we de vergelijking maken tussen de reiskilometers die zij moeten afleggen om op bezoek te gaan bij de 15 tegenstanders in deze topklasse. Want voor de gein hebben we dat ook eens even uitgezocht.
Barendrecht en Capelle zijn met ruim 130 km. de dichtstbijzijnde concurrenten, gerekend vanaf sportpark Denoek. ONS Sneek en HHC Hardenberg, met respectievelijk ruim, en bijna 300 kilometers, de verst weggelegen. Al met al moeten de Zeeuwen in totaal 3025 km. buskilometers maken om hun tegenstanders te bezoeken en dat betekent een gemiddelde van ruim 200 km. per uitwedstrijd. Als je daar dan ook nog bij bedenkt dat ongeveer de helft van de selectie de Belgische nationaliteit heeft, alsmede oefenmeester Kenny Verhoene, en daar ook hoogstwaarschijnlijk wonen, dan is duidelijk dat je als onderdeel van een Zeeuwse topamateur club er heel wat voor over moet hebben om op dat niveau te acteren.
Maar goed, komende zaterdag mag er lekker uitgeslapen worden, want de thuiswedstrijd tegen G.V.V.V. staat op de programmarol.

Overeenkomsten
Deze opponent, en die van vorige week, vertonen overeenkomsten. Want zowel Hoek als Sparta Nijkerk waren erbij toen de topklasse haar beslag kreeg in het seizoen ’10-’11. Door een plaats in de top vier van de hoofdklasse B plaatsten beide voetbalclubs zich direct voor deelname aan de crème de la crème van het zaterdagvoetbal. Maar voor zowel de oranje- als de withemden was dat geen onverdeeld succes. De top van de piramide bleek te hoog gegrepen en na dertig duels verzamelden de Gelderlanders en de Zeeuwen te weinig punten om zich te handhaven. Hoek eindigde als laatste en Sparta Nijkerk als voorlaatste en keerden dus terug naar de hoofdklasse. Het duurde al met al dus drie seizoenen voordat beide, en dan ook nog eens tegelijkertijd via een overtuigend kampioenschap, weer terugkeerden op het hoogste trede van de zaterdagvoetballadder.

Pensionado
Sinds vorige week, donderdag 15 januari, mag HSV Hoek zich rekenen tot het grote leger ‘gepensioneerde’ voetbalclubs in de topklasse (alleen de amateurs van Ajax (1989), FC Lisse (1981) en HHC Hardenberg (1954) behoren daar nog niet toe).
Op die datum in 1950 werd de club opgericht als omnivereniging, maar al snel bleef alleen de voetbaltak over. Eerst, zoals meestal, op afdelingsniveau. En later werd via de diverse kampioenschappen in de KNVB klassen in het seizoen ’92-’93 het debuut gemaakt op hoogst bereikbare zaterdagniveau, de toenmalige 1ste klasse. Hoek vestigde zich daarmee op de Nederlandse topamateur voetbalkaart, en op de hierboven reeds genoemde degradatie na, hebben de Hoekenezen altijd dat niveau weten vast te houden. Een prima prestatie, zeker als je ook nog weet dat in die 65-jarige bestaansgeschiedenis Hoek elf titels achter haar naam mocht schrijven. Een gemiddelde van één kampioenschap per zes jaar, al dateert de laatste alweer uit ’95-’96 toen de Zeeuws Vlamingen de beste waren in de 1ste klasse B, voor onze rode buren van het Panhuis.
Vanaf deze plaats willen wij dan ook allen, die HSV Hoek in hun hart sluiten, van harte feliciteren met het bereiken van deze respectabele leeftijd en wensen wij hen nog vele jaren van bestaansrecht toe.

Luctor et Emergo
Dat het niveau tussen topklasse en hoofdklasse een verschil zou maken, daar was men zich bij HSV Hoek zeer bewust van. De doelstelling is dan ook, simpel gezegd, handhaven. Gezien de ontwikkeling tot nu toe, is de wapenspreuk van de provincie Zeeland waarmee deze alinea is begonnen, het beste van toepassing op trainer Verhoene en z’n equipe. De resultaten golfden van net onder, tot net boven de veilige streep of omgekeerd. Kortom worstelen en weer boven komen drijven.
Door winst in de laatste twee wedstrijden, ONS Sneek werd net voor de winterstop met 2-1 verslagen, en Excelsior Maassluis moest er vorige week in eigen huis met 1-4 aan geloven, staan de wit-blauwen weer waar ze wezen willen. Want met een twaalfde positie hoef je je namelijk geen zorgen te maken. En dat zal dan ook ongetwijfeld de insteek worden van onze gastheren. Zorgen dat er niet opnieuw kopje onder wordt gegaan en er weer geworsteld moet worden om het hoofd boven water te steken. En van die dadendrang zal Hoek maar wat graag G.V.V.V. slachtoffer willen laten worden.

Naar beneden kijken
Voorafgaande aan de wedstrijd tegen Sparta Nijkerk vorige week zaterdag had G.V.V.V. nog een heel klein sprankje hoop om het topduo Spakenburg en Kozakken Boys nog moeilijk te gaan maken. Maar daarvoor was uiteraard winst nodig. Dat lukte dus niet, de thuisploeg liet zich vooral defensief naar de slachtbank leiden, en dat betekende een 2-4 nederlaag. Daarmee kon dat sprankje hoop meteen de ijskast in. En is iedereen, van speler tot trainer en van verzorger tot supporter, wel zo reëel dat naar beneden kijken nu een eerste vereiste is. Maar niet alleen kijken, er zal ook naar gehandeld moeten worden om binnen de kortste keren de puntenverzameling op te krikken om zich definitief veilig te spelen. De geschiedenis uit de laatste twee topklasse seizoenen leert dat er 35 tot 38 punten nodig zijn om niet meer in gevaar te komen. Voor de Assink-brigade dus de opdracht om z.s.m. acht tot elf punten bijeen te sprokkelen te beginnen in en bij Hoek.

Moeilijke opdracht
Gezien de resultaten uit het verleden in de Zeeuwse klei met de natuurgras bodem die op sportpark Denoek aanwezig is, zal die opdracht moeilijk genoeg worden. Want van de elf voorgaande ontmoetingen konden de gasten uit Veenendaal er slechts drie in hun voordeel beslechten. Eenmaal werden de punten gedeeld en zevenmaal was de thuisploeg de sterkste. Logisch dan ook dat het doelsaldo ruim in het voordeel van Hoek uitvalt, 17 tegen 10. In de laatste twee ontmoetingen slaagden de blauwen er zelfs niet in om te scoren op sportpark Denoek (’08-’09 1-0 en ’09-’10 2-0). En juist nu, is dat ook een probleem. Want naast de defensieve kwetsbaarheid gaat ook scoren G.V.V.V. in de tweede periode moeilijk af. Na zeven duels die deze periode nu oud is, nemen Simon Brouwer en kornuiten de 14de positie in met 6 punten. Kon slechts zesmaal het net van de tegenstander gevonden worden en moest goalie Johan Jansen al veertien maal vissen. Alleen Scheveningen en IJsselmeervogels overlegden in die deeltijd nog magerder prestaties. Kortom geen al te florrisante cijfers die de ploeg van coach Erik Assink liet noteren in de laatste drie maanden.


Een gevecht om de bal tijdens de laatste ontmoeting tussen de Zeeuwen en de Veenendalers. Doelman Lieven de Vierman is Simon Brouwer te vlug af. 

Ommekeer
Het is daarom dan ook duidelijk dat er zo snel mogelijk een ommekeer moet komen, hetzij linksom of rechtsom. Want het kan toch niet zo zijn dat een ploeg die uit de eerste periode van tien wedstrijden 21 punten veroverde en daarbij een doelsaldo van 27-14 achter haar naam zette, het voetballen ineens verleerd zou zijn. Uiteraard waren er wel wat verzachtende omstandigheden, vanwege blessures en/of schorsingen van een paar vaste basisspelers, maar daarmee alleen kunnen de magere prestaties niet worden verklaard. Want aan het begin van het seizoen werd er gepretendeerd dat de A-selectie in de breedte sterker was geworden. Dus ook zonder de sterkhouders zou er toch iets meer verwacht mogen worden. Of zijn we te verwend geraakt door de resultaten in de afgelopen drie topklasse seizoenen en verwachten we teveel van onze helden? Of hebben de tegenstanders G.V.V.V. zodanig geanalyseerd dat ze de achilleshiel van de ploeg weten te vinden?

Bijna volledig
Hoe het ook zij, het lijkt erop dat G.V.V.V. bijna volledig aan de start zal kunnen komen op sportpark Denoek te Hoek. De schorsingen van Tom Oostinjen en Bart Hulsbos zijn achter de rug, en ook die van Wilco den Hartog. Alleen is het bij de laatstgenoemde de vraag of zijn enkelblessure komende zaterdag al voldoende hersteld is om in actie te komen. De voortekenen waren op voorhand niet gunstig.
Maar ook zonder de middenvelder/verdediger moet G.V.V.V. toch voldoende in huis hebben om het Hoek in eigen huis moeilijk te maken. Thuis leverde deze tegenstander in ieder geval weinig problemen op. Want op 27 september jl. wonnen de blauwen redelijk overtuigend met 4-1 door twee goals van Sherwin Grot, en Joey Snijders en Roy Terschegget voltooiden het kwartet. Kyle Doesburg zorgde voor de eretreffer voor de bezoekers.
Maar goed we weten ook dat de ene wedstrijd de andere niet is. Hoek is door twee competitie overwinningen op rij, en ook in de voorbereiding op de tweede helft van de competitie werden twee oefenpotten gewonnen, in de winning mood.
Aan G.V.V.V. de taak om daar een stokje voor te steken. Want met één punt, of nog liever drie natuurlijk in de sporttas, is het veel prettiger om de 200 kilometer naar huis te reizen, dan met nul.