Voorbeschouwing G.V.V.V. – Jong Almere City FC

12 september 2018
Bewust of onbewust bepaald door de competitieleider van de KNVB? Maar een feit is dat G.V.V.V. in de drie eerste thuiswedstrijden, in het net gestarte nieuwe seizoen ’18-’19, alleen maar beloftenteams als tegenstander treft. Twee weken geleden was Jong Sparta al op bezoek, nu komt aanstaande zaterdag Jong Almere City FC het sportpark Panhuis opzoeken, en weer een week later is dat het decor voor G.V.V.V. versus Jong Vitesse.
 
Primeur
Van die drie tegenstanders is Jong Almere City FC de grote onbekende voor de Veense blauwen. Want in tegenstelling tot de beloftenteams van Sparta en Vitesse, die al eerder deel uit maakten van de Tweede Divisie, zijn de jonge Almeerder voetballers een echte debutant op het derde voetbalniveau in ons land. Ook staan er geen eerdere oefenpotjes of onderlinge bekerwedstrijden in de annalen van de beide clubs en dus valt deze ontmoeting in de categorie, primeur. 
 
Roots
Officieel is Almere City FC een van de jongste loten aan de Nederlandse voetbalstam, want de club is opgericht in september 2001. Maar officieus gaat de ontstaansgeschiedenis veel verder terug. Dat alles heeft te maken met feit dat toen in 1976 de eerste woningen werden opgeleverd in de nieuwe stad Almere in de Flevopolder, de overloop van nieuwe inwoners vooral uit het nabij gelegen Amsterdam kwamen. Daarvoor was de stichting van de stad ook bedoeld, om het woning tekort in de hoofdstad en het Gooi op te vangen. Niet vreemd dus dat de eigenlijke roots van de voetbalclub in Amsterdam liggen. De wikipedia pagina van Almere City FC zegt daar het volgende over:
 
Van Amsterdam naar Almere
De oorsprong van de club begint in 1954 bij BVC Amsterdam (Beroeps Voetbal Club Amsterdam, met als bijnaam De Zwarte Schapen). Deze club werd verkocht aan Dé Stoop die haar in 1958 liet fuseren met DWS tot DWSA (Door Wilskracht Sterk Amsterdam).
In 1962 werd het weer DWS, en tien jaar later toen het samengaan met Blauw Wit en De Volewijckers haar beslag kreeg werd die fusie beklonken met de naamswijziging tot FC Amsterdam. 
De supportersvereniging van het oude BVC richtte op 20 april 1959 een nieuwe club op met als naam De Zwarte Schapen. De club speelde in Diemen en ging met investeringen van Kurt Vyth na vijf opeenvolgende promoties van de derde klasse van de afdeling Amsterdam naar de tweede klasse KNVB, dan het op één na hoogste amateurniveau. 
Na het vertrek van de investeerder zakte de club langzaam af. In 1978 fuseerde de vereniging met A.V.V. Argonaut (opgericht in 1932) en ging als Argonaut-Zwarte Schapen (A.Z.S.) spelen in Amsterdam. 
De club heette tussen 1988 en 1992 FC De Sloterplas. Na een royement van een half jaar door de KNVB in 1993 had De Zwarte Schapen nog maar weinig leden over. Desondanks bleven de ambities onder voorzitter Richard Smith bijzonder hoog. Om die te realiseren verhuisde de club in 1995 uit Amsterdam naar Almere, vlak nadat voor het eerst in de historie de hoofdklasse werd bereikt, onder leiding van trainer John Rep. Na één jaar in Almere degradeerde de club in 1996, maar keerde een jaar later weer terug in de hoofdklasse. Opnieuw volgde in 1997 een naamsverandering en werd het Sporting Flevoland. 
Dat geheel viel later onder het Omniworld sportproject en vanaf 14 september 2001 werd de naam FC Omniworld.
 
Zeven verschillende namen 
Het door het gemeentebestuur van de snelst groeiende stad van Nederland – nu ca. 205.000 inwoners – opgezette en gefinancierde sportproject , met als doel daar de professionele takken van sport zoals voetbal, basketbal, volleybal en handbal in onder te brengen, was geen lang leven beschoren. Door een wijziging van het politieke klimaat in 2002, toen Leefbaar Almere de grootste raadsfractie werd en aan het college van B & W ging deelnemen, werd de sportconstructie Omniworld ontmanteld, omdat de partij van mening was dat daar geen gemeenschapsgeld in gestoken mocht worden. 
Gelukkig voor de voetbaltak van de club kwam er privaat geld ter beschikking waardoor de plannen om betaald voetbal te gaan spelen in Almere een vervolg kregen. 
Het duurde tot augustus 2005 voordat er een stadionnetje gebouwd was (3000 toeschouwers), maar nog belangrijker, dat ook aan de voorwaarden was voldaan om de proflicentie van de KNVB in de wacht te slepen. 
Om het mislukte verleden als FC Omniworld achter zich te laten werd ingaande het seizoen ’10-’11 ervoor gekozen om voortaan als Almere City FC door het leven te gaan. Al met al heeft de club, als we goed geteld, ondertussen zeven naamswijzigingen ondergaan. 
Sinds 2005 voetbalt de hoofdmacht in de Eerste Divisie, alwaar het afgelopen seizoen net naast de promotie naar de Eredivisie greep, waarop het recht op kreeg door een vervangende tweede periodetitel.
MVV en Roda JC werden in de play-offs nog wel uitgeschakeld, maar tegen De Graafschap legde men uiteindelijk het loodje. In het eigen Yanmar stadion werd het 1-1, maar op De Vijverberg waren de ‘superboeren’ met 2-1 te sterk.
 
Goede leerschool
Met de komst van Tweede en Derde Divisie in 2016 besloot de profclub om haar ‘Jong team’, niet meer in de onderlinge beloftencompetities te laten spelen, maar de keuze te laten vallen op de strijd met de gevestigde amateurclubs. En dus maakte Jong Almere City FC in 2016 haar debuut in de Derde Divisie. Die kennismaking met b.v. IJsselmeervogels, Rijnsburgse Boys en Scheveningen – allen ondertussen opgeklommen naar een trede hoger – was geen onverdeeld genoegen voor de talenten van de Almeerse voetbalploeg. Op het nippertje kon de nacompetitie worden ontlopen, want met een veertiende plek eindigde men precies boven de fatale streep. 
Maar dat soort ontmoetingen met de gerenommeerde namen uit het zaterdagvoetbal bleek wel een zeer goede leerschool, waarvan de lessen ook nog eens direct in de praktijk werden waargemaakt. 
 
Toetje
Want vorig jaar werd het seizoen nog wel gestart met een nederlaag, maar daarna volgden 13 ongeslagen partijen op rij. Met ook slechts twee wedstrijden onbeslist en de rest alleen maar driepunters. Dit leverde de ploeg van de debuterende coach Ivar van Dinteren – zelf prof geweest bij o.a. FC Groningen, RKC Waalwijk en PEC Zwolle – dus eerste periodetitel op voor de neus van de latere kampioen Spakenburg. 
Die meer dan uitstekende vorm kon niet worden vastgehouden, maar met de uiteindelijke vierde plek in de eindrangschikking achter Spakenburg, Scheveningen en DVS ’33 spraken de Jonge Almeerders een uitstekend woordje mee, en was de strijd om het toetje, beter bekend als nacompetitie, ook veilig gesteld. 

De feestvreugde van Jong Almere City FC na de promotie naar de Tweede Divisie.
 
Dubbele promotie
Daarin toonden zij hun ‘grotere broers’ die de promotie misten, zoals eerder hierboven beschreven, hoe het wel moest. 
Tegen zondag periodekampioen UNA werd het een superspannende aangelegenheid, want zowel de thuis- als de uitwedstrijd eindigde in 1-1. Verlenging in Veldhoven bracht ook geen beslissing en dus kwam het op strafschoppen aan. Daarin mistte de thuisploeg maar liefst driemaal en de jonkies van Almere niet, waardoor met 1-3 de penaltyreeks werd gewonnen en dus een finale wedstrijd volgde tegen JVC Cuijk wat FC Lisse had geëlimineerd.
Daarin liet de Van Dinteren equipe er geen twijfels over wie de promotie het meest verdiende. Bij buurman SC Buitenboys – in het eigen stadion werd op dat moment de kunstgrasmat vervangen door echt gras – werden de Brabanders met 2-1 geklopt, en in Cuijk werd het drie dagen later zelfs 1-3. Een uitermate knappe prestatie van de debuterende coach en zijn jongemannen. 
Het leverde de 39-jarige Bussumer ook nog eens een flinke positieverbetering op. Want door het vertrek van hoofdcoach Jack de Gier naar NEC moest er geschoven worden in de technische staf. Van Dinteren kreeg daarbij het aanbod om naast het beloftenteam ook assistent te worden van de nieuwe coach van het eerste elftal Michele Santoni. Een kans om full-time aan de slag te gaan, die hij met beide handen aangreep, al ging dat wel ten koste van SDO, de club uit zijn woonplaats waarvan hij de hoofdmacht trainde. 
 
Sleeping Giant
Net als de meeste mededingers in deze competitie zag ook coach Van Dinteren zijn team aardig gewijzigd worden qua samenstelling. De meest opvallende vertrekkers waren Khalid Tadmine ( Kon. HFC) en Silvester van der Water (Heracles), want daarmee leverde Jong Almere City ruim meer dan een derde van de doelpuntenproductie in van vorig seizoen. Tadmine en Van der Water waren respectievelijk goed voor 20 en 8, van de in totaal 73 treffers. Daarmee was de ploeg zelfs, op DVS ’33 na (74), de meest scorende in de Derde Divisie. 
Nog een handvol spelers verlieten de Flevopolder en voor hen werden jonge talenten aangetrokken van o.a. PEC Zwolle, NEC, ADO Den Haag en Willem II, alsmede werden een diverse spelers uit JO19 doorgeschoven om te mogen ruiken aan het hogere niveau.
Net na de promotie werd de onderstaande quotes opgetekend uit de mond van Ivar van Dinteren: “Zes spelers die zijn gepromoveerd gaan in de voorbereiding meetrainen bij de eerste selectie. Misschien dat er daarna voetballers doorschuiven. De hoofdmoot van Jong Almere City blijft opleiden voor de profs. Hoe kleiner we die stap kunnen maken, hoe beter het is.
We zijn een sleeping giant en willen op termijn graag met alle geledingen naar het hoogste niveau. De club is groeiende op alle gebieden, dat hebben we dit seizoen laten zien. We hebben de club verder op de kaart gezet met de goede prestaties.”

Succesvol coach Ivar van Dinteren.
De start in de Tweede divisie
Op de eerste speeldag werden de jonge profs van Almere City FC gelijk met de neus op de feiten gedrukt. Rijnsburgse Boys kwam op bezoek en wist binnen een half uur op een 0-2 voorsprong te komen. Gescoord werd er daarna niet meer en terwijl Samuel Brobbey met twee gele kaarten voortijdig het veld moest verlaten, reisden de ‘uien’ met drie punten huiswaarts. In de eerste uitwedstrijd tegen de jonkies van Vitesse kwam Almere City FC op voorsprong, na de rust kwam Vitesse beter in het spel en eindigde de wedstrijd in een 1-1 gelijkspel. Tegen FC Lienden deden de mannen van Ivar van Dinteren het al een weer een stuk beter. De  Betuwenaren werden met een 4-1 verlies naar huis gestuurd. Onder de vier doelpunten een strafschop en een eigen doelpunt. Met vier punten staat Jong Almere City FC op een negende plaats.
 
Nog weinig punten
Onze blauwen kenden nog weinig successen dit seizoen. De eerste wedstrijd uit tegen Excelsior Maassluis werd met 1-0 verloren. Problemen met het eigen spel en een falende voorhoede waren hier debet aan. Thuis tegen Jong Sparta werd in tien minuten tijd tegen een 0-2 achterstand opgelopen en kort voor rust strooide Jong Sparta nog wat zout in de wonden door de 0-3 stand op het scorebord te zetten. Ondanks een hevig offensief werd de wedstrijd met 3-4 verloren. Het eerste punt van de competitie behaalde G.V.V.V. in Scheveningen. Een wereldgoal van Taoufik Adnane bracht de blauwen op voorsprong. In het zicht van de haven bracht een strafschop de thuisclub jammer genoeg langszij. G.V.V.V. staat met één punt op de voorlaatste plaats.

 
G.V.V.V. – Jong Almere City FC begint om 14.30 uur op sportpark Panhuis. De wedstrijd zal onder leiding staan van Dhr. Marc Nagtegaal uit Hendrik Ido Ambacht. Hij zal langs de lijn worden bijgestaan door Dhr. Rick van Rijnsbergen en Dhr. Jari de Koning. Vierde official is Dhr. Nick Tunnissen.
 
 
Tekst: Bas van Capelleveen/Paul van de Lustgraaf
Foto’s: website Almere City FC