Komende dinsdagavond begint voor G.V.V.V. een nieuw avontuur bij de deelname aan de KNVB Beker. Als gastheer en tegenstander kwam Roosendaal Boys Combinatie, want daar staat de afkorting RBC voor, bij loting uit het balletje nadat er in de eerste voorronde voor onze ploeg een bye was. RBC versloeg daarin tijdens een uitwedstrijd het uit de Tweede Divisie gedegradeerde ADO ’20 (0-2).
Hoewel RBC – nu weer officieel zonder puntjes en de toevoeging Roosendaal die beide in het verleden werden gebruikt – pas dit seizoen haar debuut maakte in de Derde Divisie, is deze voetbalclub voor de meeste voetballiefhebbers natuurlijk een overbekende naam. Dit komt uiteraard doordat onze opponent al ruim honderd jaar bestaat. Opgericht in 1912 en via Excelsior, Oranje Wit, Roosendaal, en in 1927 via een fusie met Roosendaalsche Boys, kreeg de club haar uiteindelijk naam RBC.
En natuurlijk ook door haar verleden in het betaalde voetbal in zowel de Ere-, Tweede-, maar meestal Eerste Divisie.
Bekende namen
Uit die bvo-tijd stammen ook de namen van trainers en/of spelers die bij iedere voetbalfanaat in Nederland zeker een belletje zullen laten rinkelen. Een willekeurige selectie daaruit: Wim Koevermans, Epi Drost, Cor Pot, Jan Poortvliet, Jan van Dijk, Hans Verél, Ruud Kaiser, Robert Maaskant, Sándor Popovics en Dean Gorré als coaches.
Als speler is onbetwist Pierre van Hooijdonk – 27 goals in ’90-’91 – de blikvanger die zijn indrukwekkende loopbaan begon in het oranje tenue van de Roosendalers. Maar ook John Mutsaers, Gerrie Voets, Jimmy Simons (die ontsnapte aan de SLM ramp), Donny de Groot, Danny Guit, Sjoerd Ars, Edwin de Graaf, John van Loenhout en John Lammers (over beiden later meer), zijn spelers die voor kortere of langere tijd de clubkleuren van de Brabantse ploeg verdedigden en het allen schopten tot clubtopscoorders. En dan hebben we nog de echte cultvoetballers zoals Henk Vos en Geert den Ouden die zich ook die titel lieten aanmeten. Laatstgenoemde maakt zich tegenwoordig zeer nuttig als scheidsrechter. Want afgelopen zaterdag was Den Ouden vierde official bij het duel Kozakken Boys – Rijnsburgse Boys.
Kortom RBC heeft in voetbalkringen volop aan de weg getimmerd zeker ook doordat de club een beetje als de ‘heen en weer’ van het betaald voetbal naar amateurs, of andersom, kan worden bestempeld.
In vogelvlucht
Als amateurclub liet RBC vanaf de fusie in 1927 zich meermaals gelden als het beste, of een na beste, jongetje van de klas en vestigde daardoor haar naam. Toen in 1954 het betaald voetbal haar intrede deed in ons land was het dan ook logisch dat de Brabantse club daar wel een poging in wilde wagen. Daarin bleef het op enkele uitzonderingen na een club in de marge en toen in 1971 een sanering plaatsvond bij de betaalde tak van het Nederlandse voetbal moest RBC noodgedwongen weer terug naar de amateurs.
Maar juist in die tijd behaalden de voormalige profs hun meeste ereprijzen zoals u kunt zien in bijgaand plaatje, met wellicht als hoogtepunt het algeheel kampioenschap bij de zondagamateurs in 1973. Toen de club de kans kreeg om 1983 weer terug te keren als betaald voetbal organisatie werd die met beide handen aangegrepen. In de Eerste Divisie speelde men vaak geen beeldbepalende rol, maar bij de eeuwwisseling zorgden trainer Robert Maaskant en zijn manschappen voor een sensatie door via de nacompetitie het hoogste voetbalechelon, de Eredivisie te bereiken. Het was van korte duur, want een jaar later was men in Roosendaal weer terug bij af.
Men toonde veerkracht, want opnieuw via de nacompetitie, werd het verloren gegane terrein direct terug gewonnen en daarom mocht RBC, wat ondertussen de toevoeging Roosendaal had gekregen, zich in 2002 weer eredivisionist noemen. Daarin handhaafde men zich vier seizoenen lang, maar in 2006 viel toch het doek en was degradatie naar de Eerste Divisie weer een feit.
Op een derde plek na in 2007, was het daarna uit met de pret en begonnen de (financiële) perikelen zich op te stapelen, met als treurig resultaat een op 8 juni 2011 uitgesproken faillissement. Een directe doorstart als amateurclub bleek toen zelfs financieel niet haalbaar.
Als een (amateur)raket omhoog
Maar bij de pakken neerzitten deden de Roosendaalse voetballiefhebbers en fans van RBC niet, want in 2012/2013 mocht de club naar veel vijven en zessen als amateurclub op het allerlaagste niveau de vijfde klasse uitkomen. Met de voetbal know-how uit het verleden zat het wel goed dus is het niet verwonderlijk dat RBC haar stevig gevestigde naam via de weg der geleidelijkheid weer wilde terug gaan winnen.
Als buitenstaander kun je met een gerust hart zeggen dat het voornemen voortreffelijk is gelukt. Want in die twaalf jaar tijd, werden via kampioenschappen, de nacompetitie of zelfs via een schriftelijk verzoek aan de KNVB – dat gebeurde in coronatijd toen er officieel geen promoties of degradaties aan de orde waren – de stappen doorlopen van de vijfde klasse tot nu dit seizoen het debuut in de Derde Divisie.
Ongetwijfeld staat daarbij 4 juni 2025 met stip op één. Want toen versloeg RBC voor een nagenoeg uitverkocht Atik Stadion (plaats voor 5000 personen) Xerxes/DZB – ook een voormalig profclub – met maar liefst 5-0 in de finale van de p/d nacompetitie. Daarvoor was derdedivisionist OJC Rosmalen al zowel thuis als uit aan de zegekar gebonden. Ondanks dat er nog een uitwedstrijd bij de Rotterdammers te wachten stond namen heel veel fans toen al een voorschot op de feestvreugde van de promotie. Die bleek terecht want Xerxes/DZB won in eigen huis weliswaar met 2-0 maar dat was ruim onvoldoende om de Oranjehemden van promotie af te houden.
Toekomstdromen
Alle RBC leidinggevenden en supporters dromen ervan om in de (verre)toekomst weer terug te keren als bvo, maar weten ook dat daarvoor nog een lange geleidelijke weg is te gaan. Het is nu eerst zaak voor RBC om haar behaalde positie in de Derde Divisie te bestendigen, want daar waren trainer Mark Klippel en de clubtopscorer van vorig seizoen Jelte Pal (21 goals) heel duidelijk over in de Nationale Voetbalgids. “Handhaven is doel nummer één!!”
Daar heeft de club een heel aardige start mee gemaakt want na zes duels spelen op die hogere trede staan ze keurig met zeven behaalde punten als aanvoerder van het rechterrijte op de ranglijst, en heeft Jelte Pal, die ook nog kortstondig voor Willem II in de Eredivisie uitkwam, er al weer vier inliggen.
Voor de bekerwedstrijd tegen G.V.V.V. dromen alle RBC-ers ervan om hetzelfde te gaan presteren als in 1986 toen ze als eerstedivisionist de finale van de KNVB beker bereikten. Die werd weliswaar met 3-0 verloren van Ajax, maar staat toch goudomrand in de club annalen.
Om dat als amateurclub te bereiken is zo goed als onmogelijk, maar voor dat streven moet wel stap voor stap iedere volgende tegenstander worden uitgeschakeld, dus G.V.V.V. kan haar borst natmaken.
Voor de derde maal
Voor degene die de eerdere aankondiging van dit bekerduel op deze site hebben gelezen is het geen verrassing, en wellicht heeft de kop boven deze vooruitblik bij anderen wel een vermoeden los gemaakt, maar het wordt morgenavond niet de eerste ontmoeting tussen de traditionele zondagclub RBC en de traditionele zaterdagvereniging G.V.V.V.
In de amateurtijden van onze opponent was het niet mogelijk om elkaar te ontmoeten in competitieverband omdat toen de geesten nog strikt gescheiden waren, ook werd vanwege de indeling in de verschillen districten niet tegen elkaar gespeeld om de zogenaamde ‘kleine beker’, oefenduels staan ook niet in ons geschiedenisboek, dus blijf de ‘grote beker’ over.
Andere tijden ….
Daar ligt dus een verleden van de Oranje- en Blauwhemden. Een ver verleden zelfs, want we moeten terug naar 1981 toen het allereerste treffen plaatsvond.
Beide clubs veroverden in het seizoen 1980/1981 een periodetitel en mochten daarom deelnemen aan een poulefase voor een plaats in het hoofdtoernooi van de KNVB beker. RBC speelde toen in de zondaghoofdklasse en G.V.V.V. in de eerste klasse zaterdag onder leiding van de fameuze trainer Arie Schans. Het was in principe hetzelfde niveau want de hoofdklasse werd op de zondag eerder ingevoerd dan bij de zaterdagamateurs. Loting koppelde de Roosendalers en Veenendalers aan elkaar samen in een poule met Elinkwijk, Voerendaal en TOP waarvan de winnaar doorging naar het hoofdtoernooi. RBC werd de uiteindelijke winnaar mede door een 1-0 overwinning op G.V.V.V. in eigen huis, waarbij Gerrie Voets het goudhaantje was. In het hoofdtoernooi was Heracles met 1-3 te sterk voor de Brabanders.
Eenzelfde soort scenario ontstond er in 1999-2000 toen ook via een groepsfase de knock-out ronden konden worden bereikt. Ook hier werden RBC en G.V.V.V. aan elkaar gekoppeld samen met FC Den Bosch en UDI ’19. De Roosendalers waren toen al jarenlang weer een bvo uitkomend in de Eerste Divisie. Ook hierin werd RBC groepswinnaar mede door op 17 augustus 1999 met 4-1 te winnen van de onzen. Clubicoon Johan de Man opende brutaalweg in de derde minuut de score, die bleef staan tot aan de thee. Maar daarna maakten de al eerder genoemde befaamde goalgetters John van Loenhout en John Lammers er om en om beide twee en dus daarmee ook een eind aan de beker illusies van G.V.V.V.
RBC schopte het daarna door winst op Quick ’20 en BV Veendam tot de achtste finale waarin het haar Waterloo vond in Dordrecht bij de club met de gelijknamige naam en toen de toevoeging ’90 erachter.
… terug de onze
We zijn nu ruim een kwart eeuw verder en er is die tussentijd heel veel veranderd denk alleen maar aan clubs die werden genoemd en nu niet meer bestaan of vele treden lager acteren. Maar een ding blijft hetzelfde in de KNVB Beker komen jaarlijks verrassingen voor. Denk maar aan Hercules wat Ajax uit de beker knikkerde, Spakenburg wat FC Utrecht over de knie legde met een wereldgoal van Wimilio Vink die nu in Veense dienst acteert. Maar ook Quick Boys wat vorig seizoen Almere City FC, Fortuna Sittard en Heerenveen pootje lichtte. Gelukkig past G.V.V.V. ook in dat rijtje toen ze 2010-2011 zorgden voor een spetterend optreden door de kwartfinale te bereiken, net als opponent RBC, wat in 1986 zelfs de finale speelde.
Het is min of meer logisch dat G.V.V.V. als gevestigd Tweede Divisie ploeg de favorietenrol opgedrongen krijgt tegen het in Derde Divisie debuterende RBC, maar dat waar maken is vers twee zeker in het hol van de Oranje leeuw, die volgens Omroep Brabant zullen worden ondersteund door zo’n 2000 supporters. Daartegen leggen de verwachte 200 aanhangers uit Veenendaal het in ieder geval ruimschoots af, dus zal het op veld moeten gaan gebeuren.
Hopelijk kunnen de mannen van trainer Vink het spreekwoord ‘driemaal is scheepsrecht’ echt waarmaken door de derde ontmoeting in Roosendaal wel winnend af te sluiten en door te bekeren.
Of het zal helpen dat een inwoner van Roosendaal de Veense blauwen als fan zeker zal komen ondersteunen is de vraag. Want onze jarenlange vrijwilliger in allerlei functies en tevens zes jaar voorzitter, Theo Leushuis, is medio dit jaar verkast van Veenendaal naar Roosendaal. Maar zijn blauwe bloed zal zeker nog door z’n aderen lopen, en misschien is hij wel de mascotte die het beker geluk brengt.
RBC – G.V.V.V. begint om 20.00 uur in het Atik Stadion, Borchwerf 4, 4704 RG te Roosendaal en zal onder leiding staan van Dhr. R. Sturm uit Oostkapelle, die langs de lijn wordt bijgestaan door Dhr. M. Fieret en Dhr. M.G.J. Dogterom. In deze fase van de KNVB Beker wordt er geen vierde official aangesteld.


