Op de laatste competitiedag van kalenderjaar 2025 is onze hoofdmacht gastheer voor Jong Almere City FC, waarna de winterstop haar intrede doet. Maar het is ook de vooravond van het KNVB Beker treffen met landskampioen PSV dat op dinsdagavond 16 december in Eindhoven gaat plaatsvinden.
Jongste jongetje
De jongste BVO, ook nog eens afkomstig uit de jongste provincie van ons land, heeft in haar korte geschiedenis al aardig wat roerige tijden gekend. Maar als er tegen de tijd dat Almere City FC een halve eeuw oud wordt, een jubileumboek zal verschijnen, dan staat de periode 2022-2025 daar ongetwijfeld goudomrand in. Want de hoofdmacht van Flevolanders promoveerde medio juni 2023 voor de allereerste keer in haar bestaan naar de Eredivisie, en het talententeam keerde terug naar de Tweede Divisie. Dus twee vliegen in een klap.
En beide teams handhaafden zich in ’23-’24 ook nog eens redelijk soepel op de allerhoogste trede van het betaald voetbal en bij de (semi)amateurs. Dat was uiteraard de ultieme opdracht van de clubleiding, dus verdienden de ‘senioren en junioren’ alle lof van zowel vriend als vijand.
Helaas kon het vlaggenschip van de club dat succes vorig seizoen niet bestendigen en moest aan het einde van rit weer een stapje terug doen naar de KKD. Maar de jonkies handhaafden zich, met een hele knappe zesde plek op de ranglijst, wederom in de Tweede Divisie en zijn daarom ook opnieuw tegenstander van G.V.V.V. in dit seizoen wat na deze onderlinge ontmoeting precies op de helft is aanbeland en dus de winterstop inluidt.
Officieel is de betaald voetbal organisatie Almere City FC opgericht op 1 juli 2005. Maar natuurlijk weten de echte kenners dat er een hele voorgeschiedenis aan vooraf ging, met namen zoals FC Omniworld, Sporting Flevoland en Zwarte Schapen, voordat Almere City FC haar beslag kreeg. En ook dat de oorsprong zelfs nog veel verder terugging, en in onze hoofdstad lag, via roemruchte namen als DWS en FC Amsterdam.
Hoewel dus Amsterdamse roots, niet zo gek natuurlijk omdat Almere halverwege de jaren zeventig van de vorige eeuw uit de grond werd gestampt om opvang te bieden aan de groeiende bevolking van de hoofdstad, houden we het er toch maar op dat het huidige Almere City FC een eigen entiteit is, die de tienerleeftijd nog maar net ontstegen is, en daarmee absoluut het jongste jongetje van de klas in deze Tweede Divisie.
HHC Hardenberg (1954), HSV Hoek (1950) en onze club (1947) zijn dus wel veel ouder qua leeftijd dan Almere City FC, maar behoren t.o.v. alle andere mededingers ook tot de één- twee- en drie na jongsten’.
Goede leerschool
Met de komst van Tweede- en Derde Divisie in 2016 besloot de leiding van de profclub om haar ‘Jong team’, niet meer in de onderlinge beloftencompetities te laten spelen, maar de keuze te laten vallen op de strijd met de gevestigde amateurclubs. En dus maakte Jong Almere City FC in 2016 haar debuut in de Derde Divisie. Die keuze was geen direct onverdeeld genoegen voor de talenten van de Almeerse voetbalploeg. Op het nippertje kon de nacompetitie worden ontlopen, want met een veertiende plek eindigde men precies boven de fatale streep.
Maar dat soort ontmoetingen met de gerenommeerde namen uit het zaterdagvoetbal bleek wel een zeer goede leerschool, waarvan de lessen ook nog eens direct in de praktijk werden waargemaakt.
Toetje
Want het jaar daarop werd het seizoen nog wel gestart met een nederlaag, maar daarna volgden 13 ongeslagen partijen op rij. Met ook slechts twee wedstrijden onbeslist en de rest alleen maar driepunters. Daarmee manifesteerde Jong Almere City FC zich als een levensgrote verrassing. Deze ondubbelzinnige succesreeks leverde de ploeg ook de eerste periodetitel op, voor de neus van de latere kampioen Spakenburg.
Jammer genoeg kon die meer dan uitstekende vorm kon niet worden vastgehouden, maar met de uiteindelijke vierde plek in de eindrangschikking achter Spakenburg, Scheveningen en DVS ’33 spraken de Jonge Almeerders een uitstekend woordje mee, en was de strijd om het toetje, beter bekend als nacompetitie, ook veilig gesteld.
Joeri Potjes scoorde op 21 september 2024 tweemaal. Hier de 3-1 in beeld.
Promotie
Tegen zondag periodekampioen UNA werd het een superspannende aangelegenheid, want zowel de thuis- als de uitwedstrijd eindigde in 1-1. Verlenging in Veldhoven bracht ook geen beslissing en dus kwam het op strafschoppen aan. Daarin mistte de thuisploeg maar liefst driemaal en de jonkies van Almere niet, waardoor de penaltyreeks met 1-3 werd gewonnen en dus een finale wedstrijd volgde tegen JVC Cuijk wat FC Lisse had geëlimineerd.
Daarin lieten de Almeerders geen twijfels bestaan over wie de promotie het meest verdiende. Bij buurman SC Buitenboys – in het eigen stadion werd op dat moment de kunstgrasmat vervangen door echt gras – werden de Brabanders met 2-1 geklopt, en in Cuijk werd het drie dagen later zelfs 1-3. Een uitermate knappe prestatie van de jonge Flevolanders.
Degradatie
Maar dat een divisie hoger spelen geen sinecure is ondervonden de talenten van Almere City FC in seizoen ’18-’19 aan den lijve. Met een flink gewijzigde selectie, dat is nu eenmaal de consequentie van zo’n leerschool omdat de spelers aan een leeftijdscategorie gebonden zijn, kon dat seizoen de gevarenzone niet worden ontweken.
Op instigatie van de amateurclubs was de KNVB overstag gegaan om het aantal beloftenteams in ’19-’20 terug te brengen tot een maximum van twee. Dat betekende dat het laagst eindigende ‘Jong Team’ sowieso een stap terug moet doen ongeacht de positie op de ranglijst als die tussen plek 10 t/m 16 uitkwam. Tevens werd in Zeist besloten dat er in ’20-’21 geen deelname aan de Derde Divisie zou volgen voor die talententeams van bvo’s.
Onze gasten eindigden toen op plek 16 en dat betekende terugkeer naar de Derde Divisie en Jong FC Volendam mocht die plaats overnemen op het hoogste platform.
Stuivertje wisselen
In het onderbroken eerste (Covid19) seizoen eindigde Jong Almere in de Derde Divisie in de middenmoot en moest daarna dus verplicht terugkeren naar de nieuw opgerichte O21 competitie van de KNVB. Die start in ‘20’-’21 daarin duurde maar heel kort omdat het virus nog steeds niet was uitgeraasd, maar met nieuwe ronde, nieuwe kansen in ’21-’22 zette Almere City O21 gelijk een mijlpaal door zich als allereerste kampioen te kronen van deze nieuwe competitie. Hiervoor was wel een beslissingswedstrijd nodig tegen najaarskampioen Feyenoord O21.
Op het trainingscomplex Varkenoord van de Rotterdammers wonnen de jongemannen van toenmalig trainer Hedwiges Maduro met 0-1. Maar daarmee waren de aanstormende talenten uit Almere nog niet terug in de Tweede Divisie. Want de zeer ingewikkelde reglementen van de bobo’s uit de Zeister bossen wezen uit dat er tegen Jong FC Volendam, dat als elfde was geëindigd, alsnog een tweeluik gespeeld moest worden om handhaving of promotie.
De Oranjehemden redden het vege lijf door een 3-0 thuiswinst en een 1-0 verlies in Almere.
Dat het kampioenschap bij de O21 geen toevalstreffer was van Jong Almere City bewezen ze in mei 2023, want onder leiding van Anoush Dastgir – nu coach van Oranje O18 – werden zij opnieuw overtuigend kampioen in de O21 competitie. Nu kon, wederom Jong FC Volendam, geen roet in het eten gooien want de wijdbroeken eindigden op een rechtstreekse degradatie plaats in de Tweede Divisie. Dus werd het direct stuivertje wisselen geblazen en keerde Jong Almere City terug in de Tweede Divisie.
Handhaven is en blijft het doel
Door het doorschuiven van Dastgir als assistent bij het vlaggenschip moest er ook weer een nieuwe oefenmeester worden gevonden. Het werd Danny Schenkel (47), voormalig prof van o.a. Sparta, Telstar en Willem II. Als oefenmeester staan BFC, Zwaluwen Vlaardingen, Ajax Vrouwen en de jeugd van Sparta op zijn cv. Met Schenkel als debuterende oefenmeester in ’23-’24 manifesteerden de jongelingen uit de Flevopolder zich uitstekend en werd aan de ultieme doelstelling van direct handhaven op het hoogste echelon soepel voldaan met een achtste plaats op eindrangschikking.
Alle reden dus voor de clubleiding om door te gaan met de voormalig profvoetballer als gedreven en ambitieuze coach van Jong Almere City FC. Met als belangrijkste opdracht de jonge talenten naar een hoger niveau te brengen, het liefst naar het eigen vlaggenschip. Maar als dat niet lukt om in ieder geval de transferwaarden op te voeren, zodat de club de revenuen daarvan kan plukken. Daarvoor is spelen op een zo’n hoog mogelijk niveau met veel weerstad de beste leerschool en daarom is handhaving in de Tweede Divisie direct daarna de opgave.
Dat lukte coach Schenkel en zijn pupillen zelfs nog overtuigender dan bij de terugkeer, want vorig seizoen eindigde Almeerse talenten op positie zes, één plekje hoger dan de Veense gastheren.
Mitch Willems maakte een deel van zijn voetbalopleiding mee bij de beloften van Almere City FC.
Nieuwe leidsman
Omdat assistent Anoush Dastgir van Jeroen Rijsdijk bij de hoofmacht in juli jl. verkaste naar de KNVB zocht de clubleiding de oplossing in eigen gelederen. Danny Schenkel die het met de jongelingen zo uitstekend had gedaan kreeg het aanbod om de plaats Dastgir in te nemen, en die pakte hij met beide handen aan. Maar door dat doorschuiven ontstond wel een nieuw hiaat, wie moest Jong Almere nu gaan leiden? Ook die invulling vond men heel dicht bij huis.
Want Ralph Hovestad (36) liep in het kader van het behalen van zijn UEFA A–diploma al stage bij het Jong team en werd gevraagd om die stageplek om te zetten naar een vast dienstverband. Dat was koren op de molen van de voormalig speler van Ajax, RKC Waalwijk, FC Volendam, FC Lienden, DOVO, USV Hercules en IJsselmeervogels, die dan ook gretig toe hapte.
Zijn trainersloopbaan was Hovestad in 2020 begonnen bij de jeugd van IJsselmeervogels. En vorig seizoen als assistent, van de nu ontslagen Raymond Bronkhorst, het kampioenschap van ‘De Vogels’ in de Derde Divisie als eerste grote prijs op zijn trainers cv kon bijschrijven.
Uitermate knap
Inherent aan zo’n talenteam is ook dat de mutaties in de selectie zich, bij wijze van spreken, afspelen met de snelheid van het licht. Dit doordat de leeftijdsgrens is bereikt, of de doorstroming naar de hoofdmacht plaatsvind, of er andere clubs op bvo- of amateurniveau op het vinkentouw zitten om hun slag te slaan. Van dat laatste profiteerden dit seizoen o.a. competitiegenoten Rijnsburgse Boys (Agyeman), Quick Boys (Garden), Spakenburg (Guiting en Puriel) en Katwijk (Menelik), die spelers van Jong Almere overnamen voor hun selectie.
Maar ook de doorstroming vond plaats, want o.a. Jaden Pinas, Emmanuel Poku, Sam Amoah, Twan van der Zeeuw, Guus Beaumont en Olivier de Nijs behoren tot het keurkorps van Jeroen Rijsdijk, waarvan sommigen zo af toe ook nog uitkomen voor het team van Hovestad.
Al met al waren er vijftien vertrekkers en dertien nieuwelingen.
Met die wetenschap is het dan ook uitermate knap dat Jong Almere City FC momenteel moeiteloos aanhaakt bij de eindprestatie (6de) van vorig seizoen, al kreeg die toen pas na de winterstop haar beslag door 11x op rij de volle buit te pakken.
Nu is het allemaal een stuk regelmatiger, want vanaf half september jongstleden bivakkeert de Hovestad brigade continu op plek vier of vijf. Als dat kan worden doorgezet is het belangrijkste doel – direct handhaven, waarvoor een plek in het linkerrijtje voldoet – in principe een appeltje eitje. Daarom zullen de jonge talenten van Almere City FC er ook zeer op gebrand zijn om deze laatste wedstrijd van 2025 tot een goed einde te brengen en zo een directe belager G.V.V.V. in de bovenste helft van de ranglijst op grotere achterstand te zetten, dan de huidige twee punten verschil.
Kwartet compleet maken
Met bovenstaande vaststelling komt voor de derde keer op rij het cliché bovendrijven dat dit ook weer een zogenaamde ‘zespunten’ wedstrijd wordt voor aanvoerder Maguire en zijn manschappen. Dat was namelijk tegen respectievelijk Kozakken Boys (3-2), en afgelopen zaterdag in Amsterdam bij AFC (0-2), ook het geval. Want voorafgaande aan die ontmoetingen was het verschil tussen de beide opponenten iedere keer slechts een enkel punt verschil, maar dan wel in het voordeel voor de ploeg van coach Vink. De opdracht om die ‘zespuntenwedstrijden’ te winnen, werd beide keren tot groot genoegen van de staf, spelers en natuurlijk de blauwe aanhang, tot een goed einde gebracht, waardoor G.V.V.V. zich opwerkte van het rechter- naar het linkerrijtje.
Nu is het uitgangspunt dus iets anders en moeten de Veense blauwkousen in de achtervolging om de twee punten nadelig verschil met onze gasten te elimineren. Dat kan alleen als de kop boven deze voorbeschouwing wordt waargemaakt. De diehard fans zullen ongetwijfeld weten waar we op doelen, maar voor de minder ingewijden toch maar even een verduidelijking.
Voor die bovengenoemde twee winstpartijen pakte G.V.V.V. ook de volle buit bij het teruggekeerde IJsselmeervogels en staat de teller dus op drie winstpartijen op rij. Dat moeten er vier worden om het kwartet vol te maken en daarmee over Jong Almere heen te gaan in de ranglijst.
Kan Ruben van Kouwen een derde ‘clean sheet’ achter zijn naam zetten?
Specialiteit
Dat winnen van talentenploegen geen sinecure is weten we uit het verleden. Vaak had G.V.V.V. het zeer lastig tegen dat soort teams. Dat is dit seizoen ook weer duidelijk geworden bij de uitwedstrijd in Rotterdam tegen Jong Sparta. Daar leed onze ploeg tot nu toe de grootste nederlaag van dit seizoen, want er stond na 90 minuten 5-2 op het scorebord.
En laat het scoren van goals nu een van de grote specialiteiten zijn van Jong Almere City FC. Want van alle 17 andere mededingers in de competitie scoorden de Flevolanders het meest. Er staan 39 treffers op hun conto, tegen G.V.V.V. 25 stuks.
Daarvan namen Marley Dors (12x, tevens met Van der Weijden van Rijnsburgse Boys momenteel topscorer van de Tweede Divisie) en Immanuel Ghogli (10x, overgekomen van IJsselmeervogels O21) het leeuwendeel voor hun rekening. Dat zijn dus de jongemannen die extra aandacht vragen van de blauwe defensie.
Dat dit geen toeval is bewijst het aantal goals dat zij vorig seizoen maakten. Toen was Jong Almere met 88 treffers de meest scorende ploeg van de gehele Tweede Divisie en hadden ze met Poku, De Nijs en Garden drie spelers in de top tien van de topscorerslijst.
Minimaal ongeslagen blijven
Defensief ontlopen de kemphanen van komende zaterdag elkaar niets. Zowel G.V.V.V. als de gasten moesten elk 24 tegentreffers incasseren. Op basis daarvan, en de reeds genoemde specialiteit, zouden de bezoekers dan ook als favoriet kunnen worden aangewezen om er met de winst vandoor te gaan.
Maar in de twee voorgaande ontmoetingen op het sportpark Panhuis kwam er geen winnaar uit de bus. Vorig seizoen werd het een doelpuntrijk treffen, namelijk 3-3. Daar stond weer tegenover dat er in seizoen ’23-’24 geen enkel doelpunt viel en de eindstand daarom dubbelblank werd zoals dat zo mooi heet. Dat was wel weer bijzonder omdat in diezelfde jaargang in de oefenperiode ook tegen elkaar werd gespeeld in Veenendaal, waarbij er ook geen winnaar kwam, maar wel weer veel goals vielen, toen werd het ook weer 3-3.
Als we dan ook nog melden dat de allereerste ontmoeting tegen elkaar op Tweede Divisie niveau, die plaatsvond in jaargang ’18-’19 eindigde in een 4-2 winst voor de thuisploeg, dan is duidelijk dat G.V.V.V. thuis tegen Jong Almere City FC nog ongeslagen is.
Dat de gastheren aanstaande zaterdag die status minimaal willen blijven behouden, al was het maar om met een goed gevoel dinsdagavond af te reizen naar Eindhoven, zal duidelijk zijn. Maar dat gevoel zal nog veel beter worden, voor wat het dan waard is, als de winst kan worden gepakt.
Byron Burgering in actie tegen zijn huidige teammaatjes.
Speciale gast?
We zijn nog wel benieuwd of er zaterdag wellicht een speciale gast op bezoek komt. Daarmee bedoelen we natuurlijk Byron Burgering.
Burgering die zijn naam vestigde in drie seizoenen (’21 t/m ’23) bij G.V.V.V. maakt sinds dit seizoen deel uit van de hoofdmacht van Almere City FC (via FC Den Bosch). Hij is bij de ploeg van coach Jeroen Rijsdijk een belangrijke schakel met acht treffers op zijn naam in de KKD, en speelt vrijdagavond in Eindhoven tegen Jong PSV. Dus zou hij zaterdag mogelijk de tijd kunnen vinden om zijn huidige trainingsmaatjes en voormalig ploeggenoten tegen elkaar aan het werk te zien. Wie zijn favoriete ploeg dan is? Dat maakt niet uit. Want iemand die in 104 duels G.V.V.V. 48 doelpunten bezorgde en arbeidsethos altijd hoog in het vaandel had staan is te allen tijde welkom op de blauwe zijde van het sportpark Panhuis.
En wellicht kan Byron dan ook nog en passant zijn voormalig trainer Gery Vink wat geheimen influisteren over (Jong)PSV!!!
De wedstrijd G.V.V.V. – Jong Almere City FC begint om 14.30 uur op het sportpark Panhuis en zal onder leiding staan van scheidsrechter Dhr. S.J.M. Janssen uit Reuver die langs de lijn zal worden geassisteerd door Dhr. N. Oppedijk en Dhr. T. Deden. Vierde official is Dhr. C.F.H. Donners.


